Leonard Peltier (geboren in 1944) is een Anishinabe-Lakota indiaan en één van de leiders van de American Indian Movement (AIM, Beweging van en voor Indianen). Hij wordt wereldwijd gezien als een symbool voor het inheems verzet in de Verenigde Staten. Door zijn werk met het AIM werd hij door de regering vervolgd en valselijk beschuldigd van de moord in 1976 op twee FBI-agenten, Coler en Williams, op het Pine Ridge Reservaat in South Dakota. Hij werd veroordeeld na een proces waarin getuigen werden gemanipuleerd en het ballistisch bewijs werd verduisterd dat aantoont dat de dodende kogels niet uit zijn geweer konden komen. Hij werd veroordeeld door een volledig blanke jury in een gemeenschap die gekend is als anti-indiaans en wel zo dat belangrijke zaken zoals de sfeer van angst die heerste op het reservaat niet mochten worden vermeld. Je leest verder over de achtergronden van de gebeurtenissen die tot de gevangenisstraf van Leonard Peltier geleid hebben en over de organisaties en personen wereldwijd die hem steunen en ijveren voor zijn vrijlating. We brengen je ook getuigenissen van hemzelf en anderen, ter illustratie van zijn diepe spiritualiteit, zijn artistieke gevoeligheid en begaafdheid, zijn bewogenheid en inzet voor de indiaanse gemeenschap. Vanuit zijn cel houdt hij zich bezig met humanitaire projecten, waarvoor hij zelfs onderscheidingen ontving. Je leest ook hoe pijnlijk zijn opsluiting is voor de relatie met zijn familie en hoezeer zijn gezondheid schade opliep door zijn decennialange verblijf in de gevangenis.
Nadat alle andere wegen (beroep, parool) geen resultaat gaven, stelden we al onze hoop op de gratieverlening door Clinton. De laatste kans hiertoe was 20 januari 2001, de laatste dag van Clinton's ambtsperiode als president.
Vanuit heel de wereld stroomden telefoonoproepen, e-mails, brieven, faxen, ... het Witte Huis binnen. In de periode van de Amerikaanse verkiezingen kwamen er zelfs meer telefoonoproepen binnen voor gratieverlening van Peltier dan over de verkiezingen. Hoewel Clinton aan meer dan 100 personen gratie verleende, was Peltier er niet bij. Ontgoocheling, pijn, kwaadheid, bij de indiaanse gemeenschap en bij allen die Peltier gedurende bijna 25 jaar steunen. Toch geven we de strijd niet op. We blijven Peltier moreel steunen en zoeken nieuwe wegen om zijn vrijlating te bekomen.
Leonard Peltier wordt geboren op 12 september 1944 in Grand Folks, North Dakota. In de indiaanse gemeenschap is er gebrek aan voedsel en brandstof om de huizen te verwarmen. In 1958 neemt hij zich voor om zich in te zetten voor de indiaanse gemeenschap. In hetzelfde jaar neemt hij voor het eerst deel aan een zonnedans, en wordt samen met zijn vrienden na afloop gearresteerd. Het uitvoeren van de zonnedans was toen wettelijk verboden. Hij verhuist naar Seattle, waar hij bij de familie van zijn neef Rob Robideau gaat wonen. In 1959 verliest een nicht van hem haar ongeboren kind, nadat ze is geslagen door BIA-politie (Bureau of Indian Affairs, een instelling van de VS-regering). Twee jaar later loopt hij een kaakbeenbreuk op, die nooit meer echt zal genezen.
In 1969 wordt het American Indian Movement (AIM) opgericht in Minneapolis, Minnesota. Het AIM wordt de verdediger van alle traditionele indianen die hun soevereiniteit willen bewaren.
Zijn eerste ervaring als indiaans activist doet Peltier in 1970 op, bij de inname van het Old Fort Lawton bij Seattle. De indianen hebben wettelijk het recht om de verlaten federale gronden in te nemen. In hetzelfde jaar ontmoet hij AIM-leider Vernon Bellecourt, die hem meeneemt naar de eerste AIM-vergadering in Leech Lake, Minnesota. Daar ontmoet hij de leiders Dennis Banks, Russell Means en Herb Powless, de medestichter van "Indians of all Tribes" (indianen van alle stammen).
Leonard Peltier is één van de vele slachtoffers van de clandestiene oorlog die de Verenigde Staten voerden tegen het AIM en haar aanhangers in de jaren '70. Het FBI wou het AIM volledig destabiliseren en vernietigen. Hiervoor ontwierp men een speciaal 'Counter-Intelligence Program', dat ook gebruikt werd tegen andere 'subversieve', 'linkse' bewegingen. De regering liet jarenlang agenten infiltreren die de beweging uit elkaar moest drijven. Er woedde een hevige repressie tegen gewone AIM-supporters en activisten over het hele land. Honderden activisten zijn in die tijd voor de rechter gebracht. Leonard Peltier werd beschouwd als één van de leden van het AIM die moest worden geneutraliseerd omwille van zijn organisatietalent. Vanaf midden jaren '60 hadden er meerdere AIM-acties plaatsgevonden, zoals de bezetting van het eiland Alcatraz in 1969, de overname van Fort Lawton in 1970, de "Trail of Broken Treaties"-optocht in 1972 naar Washington D.C. De organisatie had bekendheid verworven door reservaten over het hele land te bezoeken om steun te vragen voor de betoging in Washington. Dit leidde tot een 20-puntenplan dat pleitte voor zelfbeschikkingsrecht en het nakomen van de historische verdragen tussen inheemse naties en de VS.
Het reservaat had te kampen met een zeer hoog zelfmoordpercentage, kindersterfte, korte levensverwachting, werkloosheid en algemene armoede. Slechts 9% van de huizen had elektriciteit, de huizen zelf waren niets meer dan geteerde kartonnen bouwsels met één of twee kamers. Alhoewel de grond verdeeld was tussen individuele Sioux, was het niet hun eigendom. Het BIA hield de grond voor hen in bewaring en bepaalde dus wat ermee gebeurde. Meer en meer werden lokale blanke ranchers toegestaan om de grond te huren of te kopen, wat voor het BIA geld opbracht. Het traditionele deel van de reservaatbewoners streed tegen de hen door de overheid opgedrongen stamraad. Die raad werd geheel beheerst door het BIA. Dick Wilson werd het jaar ervoor verkozen als voorzitter met minder dan 20% van de stemmen maar had de steun van BIA en FBI. Zijn privé militie, die hij de "GOON squad" noemde (Guardians Of the Oglola Nation), werd door het FBI getraind en bewapend. Ze snoerden iedereen de mond die zich tegen de man en zijn regeringsbesluiten verzette. Vele van deze regeringsbesluiten bedreigden de traditionele manier van omgaan met het land. Gedurende zijn twee regeringsperioden kwamen bijna honderd mensen om in onopgeloste moorden of ongevallen, meestal AIM-leden en traditionele indianen.
De Oglala Civil Rights Organisation die bestond uit de traditionele leiders en ouderlingen van het reservaat vroeg tenslotte het AIM ter hulp, dat naar het reservaat kwam en er een spiritueel kamp opzette. Vanaf toen werden de invallen van staatsagenten op het reservaat alledaagse kost. De spanning liep op.
Op 27 februari 1975 beslisten de leden van het AIM om het reservaat te bezetten. De eisen van het AIM hielden het ontslag in van Dick Wilson en twee BIA-functionarissen, plus een onderzoek naar corruptie binnen het bureau. Er werd gevraagd om een hoorzitting te houden in de Senaat over de 371 verdragen die werden afgesloten tussen de Verenigde Staten en verschillende inheemse naties.
De regering weigerde te onderhandelen en stuurde het FBI met machinegeweren, helikopters, lanceerinrichting voor gasgranaten, lichtspoorkogels en pantservoertuigen. Er begon een impasse met schietpartijen. Op dezelfde plek waar de Zevende Cavalerie in 1890 een bloedbad aanrichtte onder ongewapende mannen, vrouwen en kinderen, en waar de slachtoffers toen zijn begraven, werd nu een historische strijd geleverd, waarbij opnieuw de Zevende Cavalerie van dienst was. Het reservaat was volledig afgesloten van de rest van de buitenwereld, maar uit een enquête uit die tijd blijkt dat 51% van de bevolking van de VS de bezetting goedkeurde. Sympathisanten kwamen hun steun betuigen en liepen soms gevangenisstraffen en zware geldboetes op. Er waren leden van 65 verschillende stammen aanwezig.
Op de morgen van 25 juni 1976 kwamen twee FBI-agenten het reservaat binnen in twee aparte wagens zonder kenteken. Zij naderden snel de residentie van de Jumping Bull waar vele AIM-leden kampeerden. Omdat vele moorden werden uitgevoerd door uit voorbijrijdende auto's te schieten (die gebruikt werden door de politie), waren de kampeerders van de Jumping Bull-eigendom onmiddellijk bevreesd voor hun leven en het leven van de talrijke aanwezige families.
Er brak een vuurgevecht uit tussen de bewoners van de residentie van de Jumping Bull en de agenten. Binnen enkele minuten werden meer dan 150 FBI-agenten, swat teamleden en National Guards opgeroepen. Op deze tragische dag werden de beide agenten en één AIM-lid gedood.
Op dezelfde dag werd in Washinghton D.C. een achtste deel van het reservaat verkocht door Dick Wilson, de corrupte voorzitter van de stamraad van Pine Ridge. Er waren genoeg gretige kopers te vinden bij het Amerikaanse leger en ondernemingen, daar de grond belangrijke hoeveelheden water, olie, gas en uranium bevat. De traditionele inwoners van het reservaat waren niet op de hoogte gebracht van de verkoop, omdat ze zeker in verzet gekomen waren tegen de ontwikkeling van de ondernemingen op hun voorouderlijk grondgebied.
Uiteindelijk werden vier mensen beschuldigd van de moord op de twee FBI-agenten. De aanklacht tegen de derde verdachte werd ingetrokken omdat hij zich op het moment van de schietpartij ergens anders bevond. Bob Robideau en Dino Butler werden vrijgesproken op basis van zelfverdediging. Het gerecht richtte zich toen op de vervolging van uitsluitend één man: Leonard Peltier.
Omdat Leonard Peltier geen faire zitting verwachtte, vluchtte hij het land uit en zocht politiek asiel in Canada. De regering van de VS presenteerde de regering van Canada een verklaring van een inheemse vrouw die getuigde over de moorden. Maar die verklaring was afgelegd onder druk van het FBI. Ze gaf later toe dat ze Leonard Peltier nog nooit had gezien en ook de regering gaf jaren later toe dat de verklaring vals was.
Leonard Peltier werd op 6 februari 1976 aan het FBI uitgeleverd en gearresteerd.
Leonard is vier maal in beroep gegaan. In 1981, dank zij de 'Freedom of Information Act', werden 12000 FBI-documenten vrijgegeven. De advocaten van Peltier kregen daardoor informatie die zijn schuld weerleggen. Nog 6000 documenten worden door de regering geheim gehouden uit vrees voor de nationale veiligheid. Tijdens verschillende hoorzittingen werden de aanklagers geconfronteerd met het nieuwe bewijsmateriaal en moesten hierdoor toegeven dat ze niet weten wie de agenten gedood heeft. Het Eight Circuit Court of Appeals vond het FBI schuldig aan machtsmisbruik door het gebruik van meinedige getuigenissen, door het onder druk zetten van getuigen, het prefabriceren van het moordwapen en ander bewijsmateriaal en door het achterhouden van bepaalde documenten die de onschuld van Peltier hadden kunnen aantonen. Na deze uitspraken in 1985 kwam er nog een hoorzitting in 1991. De argumenten van de verdediging en Leonards aanvraag tot beroep werden verworpen. In december 1993 werd nogmaals een verzoek afgewezen. De rechter die zijn laatste verzoek tot beroep afwees, heeft ondertussen een brief geschreven naar Clinton met het verzoek om Leonard Peltier gratie te verlenen. Gedurende een van de zittingen van het Hof van Beroep gaf de vervolger van de regering zelf toe dat hij niet wist wie de agenten doodde. Leonard werd dan veroordeeld voor het aanzetten tot moord.
"Gerechtigheid is geen soepel werktuig en tenzij we allemaal ons deel bijdragen om te verzekeren dat gerechtigheid gelijkelijk geldt voor alle mensen, zijn we medeplichtig aan het misbruik ervan. We moeten samen opstaan om de rechten van anderen te verdedigen. Geen enkel kind zou honger mogen lijden, geen vrouw het recht geweigerd om in haar onderhoud te voorzien, niemand gezondheidszorg of onderwijs onthouden, geen gevangene vastgehouden om politieke redenen.
Dank je voor je bekommernis.
Als er geen medelevende mensen waren, zou alle hoop voor de toekomst verloren zijn." (LP)
Het zijn er te veel om op te noemen, de bewegingen en personen die ijveren voor de vrijlating van Leonard Peltier. Een greep:
Gedurende de laatste 2 decennia werd met tientallen miljoenen handtekeningen en brieven geijverd voor de vrijlating van Peltier.
"Voor het eerst in de geschiedenis van Zuid-Afrika verkregen inheemse mensen stemrecht. Nelson Mandela, die zich tot voor kort in een toestand bevond, vergelijkbaar met de mijne, zal nu zijn land leiden... Alle pijn, verschrikking, marteling en opoffering had de dageraad van een nieuwe tijd tot gevolg. Nelson Mandela is het levende bewijs dat de uitspraak van het volk veel belangrijker is dan het oordeel van de regering." (LP)
"Ik heb meer dan 20 jaar van mijn leven geofferd voor een principe. Als mijn opsluiting alleen maar mensen bewustmaakt over de vreselijke omstandigheden die door alle inheemse mensen gedeeld worden, dan is mijn lijden niet voor niets geweest." (LP)
"Ik geloof in het goede in de mensheid. Ik geloof dat het goede kan zegevieren, maar alleen door grote inspanningen. En die inspanningen moeten van ons komen, elk van ons, van jou en van mij." (LP)
Gezondheidstoestand van Leonard Peltier
Leonard Peltier liep een kaakbreuk op die nooit helemaal herstelde. Als gevolg hiervan heeft hij aanhoudende pijn in zijn kaak. Hij werd twee keer geopereerd in de ziekenboeg in de gevangenis van Springfield, de laatste keer zelfs met bijna zijn dood tot gevolg. Het voedsel in de gevangenis wordt niet gemalen, en wegens zijn problemen met de kaak beperkt hij zich tot zacht voedsel, dat rijk is aan zetmeel. Hij kan het dieet niet volgen dat bij zijn toestand past, hij heeft al een hartaanval gehad en lijdt aan hyperlipidemie en suikerziekte.
Uiteindelijk werd hij vorig jaar dan toch geopereerd in de Mayo-kliniek, die beschikt over een betere infrastructuur. Vele organisaties en personen hebben hiervoor geijverd.
"Schilderen is een wijze waarop ik de wereld verken op manieren die het Amerikaans Rechtssysteem mij weigert, een wijze om voorbij de gevangenismuren en -tralies te reizen. Via mijn verf kan ik bij mijn volk zijn, in contact met mijn cultuur, tradities en geest. Ik kan kleine kinderen in vol ornaat zien dansen en lachen, mijn ouderen in gebed zien, de intense gloed van een krijgersoog aanschouwen. Terwijl ik het doek bewerk ben ik een vrij man. ... Ik hoop dat elke dag, elk moment waarop je naar deze schilderijen kijkt, je geïnspireerd wordt om deel te nemen aan de lange strijd voor mensenrechten van inheemse mensen, van alle mensen die economisch, sociaal en spiritueel onderdrukt worden." (LP)
IJveren voor gratie voor Leonard Peltier
De laatste jaren werd alles op alles gezet om te bekomen dat Clinton gratie zou verlenen aan Leonard.
We klampten ons vast aan elk teken van hoop. Zo namen we met vreugde waar dat Leonard eindelijk de medisch ingreep kreeg die hem tot dan toe steeds geweigerd werd. We vernamen dat President Clinton de aanvraag tot gratie zou onderzoeken. Er werd intensief gebeld, gefaxt en geëmaild naar het Witte Huis. In de verkiezingstijd werd ons meegedeeld dat er meer telefoonoproepen in het Witte Huis binnenkwamen voor de vrijlating van Peltier dan over de verkiezingen. Met de werkgroep inheemse volkeren van Voor Moeder Aarde hielden we een 'Relay Fast for Leonard Peltier', een vasten waarbij we mekaar aflosten, van 10 december (Internationale Dag van de Mensenrechten en voettocht op New York voor Leonard Peltier) tot 20 januari, de laatste dag van de ambtsperiode van Clinton (zie ook kaderstukje). Maar ook het FBI deed alles wat ze kon om de gratieverlening tegen te houden, ze hielden o.a. een tegendemonstratie na een grote steunbetoging vóór vrijlating en hadden enorme sommen geld ter beschikking voor een opvallende verspreiding van hun desinformatie via de media en het internet.
We keken met spanning uit naar 20 januari. Mary Robinson, de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten in de Verenigde Staten, schreef de president om aan te dringen op gratieverlening voor Peltier. De Commissie voor de Mensenrechten is het tweede grootste orgaan van de Verenigde Naties en Mary Robinson is de belangrijkste figuur op gebied van de mensenrechten. Ze schreef de brief nadat de deelnemers aan de Workshop over inheemse media unaniem hun steun uitdrukten voor Leonard Peltier en haar vroegen om tussenbeide te komen.
Op 31 december bracht Congresvrouw Maxine Waters een sterke verklaring uit om de gratieverlening te ondersteunen en de gevangenisstraf van Leonard Peltier te veroordelen. "Mijn hart gaat uit naar de families van de agenten Coler en Williams, maar ook naar de families van de vele indianen, die gedurende dezelfde tijd vermoord werden op Pine Ridge Reservaat, en naar Leonard Peltier, die meer dan 20 jaar van zijn leven in de gevangenis doorgebracht voor een moord die hij niet beging."
Op 20 december schreef Paul Berg, een voormalige BIA-medewerker die van 1971 tot 1976 in Pine Ridge werkte als leraar, een brief naar Clinton om aan te dringen op gratieverlening voor Leonard. Zijn brief bevat uitvoerige persoonlijke getuigenissen over de sfeer van terreur die er in die periode op Pine Ridge heerste. We brengen je enkele uittreksels:
"Toen ik in 1971 op het Pine Ridge-reservaat aankwam, was het gewicht van historische gebeurtenissen zichtbaar en tastbaar aanwezig, zelfs bij de kinderen. Als leraar vroeg ik hen een verhaal te schrijven over hun beeld van de komende tien jaar. Velen beschreven hun dood."
"De FBI-agenten waren niet voorbereid, noch getraind om een tactische operatie op een indiaans reservaat uit te voeren. De meesten kwamen uit stedelijke gebieden en waren gedesoriënteerd en zelfs paniekerig. Ze hadden geen plan van het gebied, noch een actieplan. Vooral de jongere agenten bleken geneigd te overreageren op wat ze als een dreiging waarnamen. Toen de bezetting verschillende uren duurde begonnen de minst ervaren agenten de lokale bevolking te brutaliseren."
"De FBI-agenten hadden de gewoonte om hun wagens langs de reservaatswegen te parkeren en hun geweren te richten op aankomende voertuigen. De inzittenden raakten hierdoor vaak in paniek en sloegen op de vlucht. De agenten achtervolgden en bestraften hen."
In zijn brief volgen nog sterke en pijnlijke voorbeelden van dwang, vernedering en intimidatie van gewone mannen, vrouwen en kinderen door FBI-agenten. Hij beschrijft dat hij deze wandaden meldt aan de FBI-leiding in Pine Ridge, en eraan toevoegt dat kinderen er levenslange trauma's door kunnen ondervinden. De FBI-leiding geeft toe dat een aantal jonge FBI-agenten niet weten wat ze aan het doen zijn en vraagt hem op te treden als tussenpersoon: "Ze hebben leiding nodig of anders worden er mensen gedood." Het AIM zegt hem dat ze geen problemen met hem heeft zolang hij erin slaagt te verhinderen dat 'deze dieren' (FBI-agenten) iemand doden.
Hij beschrijft ook de sfeer van terreur door de GOON Squads, waarbij de Sioux-indianen permanent vrezen voor hun leven.
Don Edwards is een voormalig FBI-agent, congresman en gedurende lange tijd voorzitter van het Juridisch Subcommittee over Burgerlijke en Constitutionele Rechten, dat toezicht houdt op het Bureau. Hij spreekt zich op 14/12/00 in de 'National Press Club' in Washington DC sterk uit tegen de inspanningen van het FBI om de gratieverlening voor L.P. tegen te houden. Hij is zich persoonlijk gaan interesseren voor de zaak Peltier en raakte ervan overtuigd dat Peltier nooit een eerlijk proces gekregen heeft. Hij haalt aan dat zelfs de regering nu toegeeft dat de theorie die ze voorstelde om hem gevangen te zetten en te houden vals is. Hij vermeldt dat het FBI verder gaat met het ontkennen van haar eigen wangedrag in Pine Ridge in de jaren '70 en in het proces van Leonard Peltier. Ook de regering blijft haar eigen fouten hierin ontkennen. Gratie verlenen aan Leonard Peltier houdt volgens hem niet in dat de dood van de twee agenten goedgekeurd wordt, noch dat er geen respect zou zijn voor de huidige FBI-agenten
en hun leiders. Gratieverlening is volgens hem een cruciale stap om het voorbije wangedrag van de regering te bekennen en definitief de weg in te slaan van verzoening en heling tussen de VS-regering en de indianen, op het Pine Ridge-reservaat en over heel het land.
"Als ik uiteindelijk weer een vrij man ben, begint het échte werk. Onze belangrijkste taak, vóór al het andere, is ons overleven als een volk. Dat betekent dat we onophoudelijk moeten werken, kost wat kost, voor het respecteren van de verdragen. Dat mogen we nooit uit het oog verliezen.
Ik vrees dat het indiaanse volk wat is overgebleven van onze cultuur zal verliezen, dat we ons land zullen verliezen, dat zij die ons van ons grondgebied naar een niet-bestaan willen verdrijven, zullen slagen.
Onze waakzaamheid en absolute vastberadenheid op dit punt mag nooit verminderen. Nee, nooit.
Maar binnen de verheven strijd moeten we ons wenden tot onszelf en ons Volk om elkaar te helpen, de een na de ander. Er is niemand van ons die geen handje kan toesteken, net zoals er niemand van ons geen baat kan vinden bij een helpende hand. We moeten elkaar helpende handen toesteken."
Leonard Peltier, Prison Writings: My Life Is My Sun Dance
18 december 2000, Leuven. De WG Inheemse Volkeren vergadert en wisselt nieuwsjes uit, ook over onze fameuze "aflossingsvasten" voor Leonard Peltier. "Hoe gaat het met het vasten?" - "Ha, Patricia kon er niet zijn, vanavond, het vasten was voor haar niet gemakkelijk, ze had immers net griep gehad…" - "Hoezo, Patricia? Die moest nu toch nog niet vasten?" De lijst wordt erbij gehaald. "Daar staat 'Pats', en Patricia dacht dat zij dat was!" - "Welnee, Pats is een vriendin van mij, die deed ook een dagje mee..." - "Oei, we zullen daar maar niets van zeggen aan Patricia, ze heeft zo haar best gedaan - voor niks..."
Voor niets???
28 december 2000, Antwerpen. Ik ga een dagje uit met Pats. "Marieke, ik moet iets bekennen... Ik voelde mij niet zo goed op die dag dat ik had moeten vasten, en ik heb niet gevast..." - "Je had mij mogen bellen hoor, we zouden er wel iets op gevonden hebben! Maar weet je, er IS gevast, die dag, want op de vergadering hoorde ik iemand vertellen..."
Leonard Peltier is nog steeds niet vrij...
Toch voor niets gevast, dus?
Nee, niet voor niets... Ik geloof sterk in de kracht die er uitgaat van alle gebeden, vasten, acties, bewustmaking... Immers, positieve kracht die we opwekken en aanwakkeren, ieder op zijn manier, met het oog op het Grotere Geheel, gaat nooit verloren... En we zijn vastbesloten deze kracht te blijven voeden in ons, en ons erdoor te laten inspireren!
Marieke Wandering Oak
"Op de ochtend van Kerstmis stond ik in de rij te wachten tot het mijn beurt was om 15 minuten te telefoneren. Ik hoorde mijn kleinkinderen lachen en zingen, maar ik knuffelde en kuste hen niet, zag de glinstering in hun ogen niet, maakte geen kwistige complimentjes over hun kleren. De telefoon sloeg automatisch af en ik keerde terug naar mijn cel." (LP)
Sometimes
in the shadowed night
I become spirit.
The walls, the bars, the gratings dissolve into light
and I unloose my soul
and fly through the inner darkness of my being.
I become transparent,
a bright shadow,
a bird of dreams singing from the tree of life."
"In the Shadowed Night...", by Leonard Peltier, from Prison Writings: My Life Is My Sundance
"Soms
in de schaduw van de nacht
word ik geest.
De muren, de grendels, de tralies lossen op in licht
en ik laat mijn ziel vrij
en vlieg door de innerlijke duisternis van mijn wezen.
Ik word doorzichtig,
een stralende schaduw,
een vogel van dromen zingend in de boom van het leven."
"In the Shadowed Night...", by Leonard Peltier, from Prison Writings: My Life Is My Sundance
Geachte mijnheer Clinton,
Ik ben de dochter van de inheems-Amerikaanse gevangene Leonard Peltier. Mijn vader werd gevangen genomen toen ik nog maar 2,5 jaar oud was. Ik groeide op zonder mijn vader. Ik weet dat u familiewaarden erg belangrijk vindt, en daarom hoop ik dat u mijn vader gratie zult verlenen. Ik weet dat het te laat is voor hem om zijn kinderen op te voeden, maar mijn vader heeft 8 kleinkinderen die hij kan helpen grootbrengen. Mijn hele leven heb ik gehoopt en gebeden voor de dag dat mijn vader thuis zou komen, om mijn middelbare schooldiploma te zien, de geboorte van mijn kinderen, en nu mijn hogeschooldiploma. Ik bid dat u de moed en het medeleven zult hebben om te begrijpen dat mijn vader GEEN moordenaar is, maar een eenvoudig man die de laatste 25 jaar een voorbeeld was voor andere inheems-Amerikaanse kinderen en kinderen van vele andere etnische achtergronden. Deze e-mail is een pleidooi vanuit mijn hart en het hart van mijn twee kinderen, die alleen maar de kans willen krijgen om hun grootvader te kennen BUITEN de gevangenismuren. Ik heb het meegemaakt dat ik mijn vader ontmoette (voor de eerste keer in mijn leven) en opgroeide terwijl mijn vader in de gevangenis zat. Mijn enige wens in dit leven is om mijn dochter de kans te geven haar grootvader hier thuis te weten en lief te hebben. Mijn zoon heeft ongelukkig genoeg hetzelfde meegemaakt als ikzelf al heel mijn leven. Hij zag zijn grootvader voor het eerst in de Leavenworth Federale Gevangenis. Vindt u dit écht een plaats voor kinderen om een man te leren kennen en te beminnen, die nooit iemand een haar gekrenkt heeft? Zelfs nooit in woede zijn hand heeft geheven of zijn stem verheven tegen wie dan ook?...
Nogmaals zeg ik: mijn vader is ONSCHULDIG!!! Hij is GEEN moordenaar. Alstublief, mijnheer Clinton, laat mijn vader vrij en laat hem zijn laatste dagen thuis doorbrengen, met zijn familie en vrienden!!!
Dank u,
Marquetta Peltier
Pine Ridge, South Dakota---USA
Ontgoocheling: geen gratie voor Leonard Peltier
Er werd uiteindelijk geen gratie verleend aan Leonard, hoewel president Clinton dit wel deed voor meer dan 100 personen. We kennen de argumentatie van Clinton nog niet. Uit betrouwbare inheemse bron vernamen we dat ex- presidenten van de VS voor de rest van hun leven FBI bescherming genieten. Dit zal waarschijnlijk meegespeeld hebben. Er was diepe ontgoocheling, pijn en woede onder de indiaanse bevolking en bij allen die jaren geijverd hebben voor de vrijlating van Leonard Peltier. Maar tegelijk is iedereen ook vastberaden om verder te gaan. We geven de strijd niet op. We blijven Leonard onze steun geven. We blijven onderzoeken welke wegen we nog kunnen bewandelen. Een van de plannen is te ijveren voor het vrijgeven van de 6000 nog geheime FBI documenten die betrekking hebben op Peltier, en tot zijn vrijlating kunnen bijdragen. Er wordt ook gedacht aan het organiseren van hoorzittingen in heel Zuid-Dakota.
Inmiddels heeft Leonard Peltier zijn dank uitgesproken aan allen die zich met name de afgelopen tijd op fenomenale wijze hebben ingezet voor zijn vrijlating.
Zelf kan je Leonard Peltier morele steun bieden, door een brief of eenvoudige ansichtkaart te sturen. Zijn adres is:
Leonard Peltier # 896-37132
P.O. Box 1000
Leavenworth, Kansas 66048, USA.
Wil je verder op de hoogte gehouden worden, en deelnemen aan briefschrijf-en andere acties, kan je contact opnemen met de VMA werkgroep inheemse volkeren, of de website van het LPDC raadplegen. We danken je voor je betrokkenheid.
Lieve De Kinder en Marieke Wandering Oak
Bronnen: KWIA: brochure 1999 (Lu Ann Tsai) en tijdschrift Vergeten Volkeren (april 1999). e-mail: kwia@glo.be; adres: Breughelstraat 31-33, tel. 03/218 84 88.
LPDC (Leonard Peltier Defense Committee), http://www.freepeltier.org;
1995 Leonard Peltier Freedom Calendar.
"AIN'T NO TIME TO SURRENDER" - WE GEVEN DE STRIJD NIET OP - een persoonlijke verklaring
Zojuist, op deze koude wintermorgen, werd het nieuws bekendgemaakt: geen genade voor Leonard Peltier.
Clinton kon het niet over zijn hart verkrijgen om een krachtige daad te stellen voor vrede en gerechtigheid. Clinton verlaat het Witte Huis zoals hij er binnen kwam, gewoon nog zo'n behoeder van de grote blanke weg. Hoewel we allemaal uitermate ontgoocheld zijn dat Leonard op deze dag niet bevrijd werd, toch geven we de strijd niet op.
Leonards proces was een valstrik en geen daad van gerechtigheid, maar van wraak tegen iemand die standhield voor zijn volk. Leonards processen in hoger beroep weerlegden de aanklacht van de regering tegen hem, maar er werd hem geen nieuwe en eerlijke rechtszaak toegestaan. Er werden een aantal hoorzittingen voor een voorwaardelijke vrijlating gehouden, maar die waren niet meer dan een voortdurende verklaring van de vergeldingszucht van de regering. Sinds 1993 hebben we gevochten voor een gratieverlening, maar alleen om weer voor een dichtgeslagen deur te staan: toch geven we de strijd niet op.
Mensen van over de hele wereld hebben gestreden voor gerechtigheid voor Leonard, zijn op straat gekomen, tekenden petities, schreven brieven en organiseerden talloze acties; ondertussen had ook de andere kant zijn aanhangers, maar veel minder dan Leonard. Vandaag is duidelijk geworden dat op het vlak van wat het publiek wil, de stemmen van onderdrukking gelijker zijn dan de stemmen van gerechtigheid. Eén Natie onder heerschappij van de instituten, voor de instituten, door de instituten, met vrijheid en gerechtigheid uitsluitend voor de instituten. Dit is het werkelijke manifest van Amerika vandaag: toch geven we de strijd niet op.
Velen hebben hard gewerkt voor gerechtigheid voor Leonard Peltier. Sommigen vragen nu wat er nog meer kan worden gedaan? Was dit niet Leonards laatste kans om vrij te geraken? Heeft het nog zin om verder op straat te komen voor een zaak die zo hopeloos lijkt? Hierop antwoord ik zo krachtig ik kan: Leonard Peltier wordt vastgehouden in het IJzeren Huis (= gevangenis) door mensenhanden, op elk moment kunnen deze handen hem de vrijheid geven. Er is alleen uitzichtloosheid in de handeling van het niets doen. Zolang de strijd voortgaat zal er altijd hoop zijn: we geven de strijd niet op.
We hebben een juridische strijd geleverd in de gerechtshoven, een morele strijd in de hoorzittingen voor een voorwaardelijke vrijlating en in de campagne voor gratieverlening. Nu is het ogenblik zelfs nog sterker om deze strijd in het openbaar te leveren en de wil van het volk aan te wakkeren om Leonard vrij te krijgen. Als de instituten bijeenkomen moeten we hen laten weten dat de naam Leonard Peltier nooit zal verdwijnen. Als de politieke politiemacht van de regering, het FBI, haar campagne plant tegen afwijkende meningen van rechters, moeten we buiten staan met onze spandoeken met GERECHTIGHEID VOOR LEONARD PELTIER. Telkens als de politiekers in het openbaar verschijnen, moeten we daar zijn om hen eraan te herinneren dat zij de sleutels hebben van Leonards celdeur. De acties van het FBI en hun politieke opdrachtgevers tonen duidelijk dat ze Leonard vrezen en de beweging om hem vrij te krijgen. Want ze weten dat voor ieder die aan de kant van Leonard komt te staan, er weer iemand te voorschijn is gekomen vanonder de dekmantel "regeringsmisleiding". Het antwoord tot vrijheid voor Leonard Peltier is dat het volk de misleiders meer moet gaan kosten dan ze willen betalen: we geven de strijd niet op.
Ik weet dat mensen vermoeid zijn, ontmoedigd en meer dan een beetje kwaad, deze strijd is verdomd hard geweest. Maar we mogen niet vergeten dat wat wij doen een strijd wordt genoemd omdat het niet gemakkelijk is de scheve paden recht te trekken in deze samenleving. Ik zeg dit niet zomaar omdat het diepzinnig klinkt. Tweeëntwintig jaar lang heb ik onafgebroken gewerkt voor gerechtigheid voor Leonard Peltier. Mijn kinderen zijn volwassen geworden terwijl ze betoogden voor Leonard en nu beginnen mijn kleinkinderen hetzelfde te doen. De tijd maakt deze strijd er niet gemakkelijker op. De tijd verzacht niet de frustraties van zoveel in je gezicht toegeslagen deuren.
Hoewel ik vanmorgen werd overspoeld door een grote golf van ontmoediging, woede en razernij, toch weet ik in mijn hart: we geven de strijd niet op!
In de Geest van Totaal Verzet,
Arthur J. Miller, Medecoördinator NORTHWEST LEONARD PELTIER SUPPORT NETWORK
Gegroet, vrienden en sympathisanten,
20 januari 2001 was een droeve dag voor ons allemaal. Ik weet dat deze gratieweigering velen onder jullie even diep heeft geraakt als mijn familie en mij. Het is een vreselijk gevoel van ontgoocheling, te weten dat deze nachtmerrie niet voorbij is en nog vele maanden zal duren.
Toen ik het nieuws ontving, voelde ik mijn maag zich samentrekken en een gevoel van misselijkheid overviel mij. Het duurde even voor ik mezelf weer bij elkaar had. Om een of andere reden dacht ik dat ik diezelfde avond met mijn familie aan tafel zou zitten. Het was echt een teleurstellende dag voor ons allemaal.
Wat Bill Clinton ons aandeed was wreed. Acht jaar lang negeerde hij mijn gratieverzoek, ondanks de ernstige campagne die werd gevoerd. Dan, slechts enkele maanden voor zijn vertrek uit het Witte Huis, beloofde hij in het openbaar dat hij op de een of andere manier een beslissing zou nemen aangaande mijn zaak. Hij zei dat hij zich bewust was van haar belang. Het Witte Huis gaf mijn advocaten de indruk dat er een grote kans bestond dat mijn gratieverzoek zou worden ingewilligd. Ik moest mezelf voorbereiden op vrijlating, omdat niets erop wees dat mijn verzoek geweigerd zou worden.
Het LPDC kocht kleren voor mij, mijn kleinzoon maakte zijn slaapkamer klaar voor mij en er werd van alles voorbereid voor mijn thuiskomst. Mijn vrienden in Pine Ridge begonnen met plannen om een huis voor mij te bouwen. We werden letterlijk gedwongen om onze verwachtingen hooggespannen te houden, omdat we niet onvoorbereid wilden zijn als ik plots vrijgelaten werd.
19 januari kwam, en nóg hielden ze ons in bange afwachting met de boodschap dat de eerder moeilijke gratieverzoeken nog in behandeling waren en de volgende morgen zouden worden aangekondigd. Maar 20 januari kwam en ging! Het Witte Huis liet ons zelfs niet weten wat er besloten was. We moesten via de pers vernemen dat mijn naam niet op de lijst van gratieverleningen stond. Om iemands leven en de hoop van zoveel mensen zó op het spel te zetten is waarlijk hardvochtig.
Sinds die zwarte zaterdag ben ik erin geslaagd om op te staan en het stof van mij af te slaan, en mezelf nog maar eens op te beuren. Ik ben nu even vastbesloten om voor mijn vrijheid te vechten als ik was op 6 februari 1976, toen ik voor het eerst werd gearresteerd. Ik zal niet opgeven. Dit is de tweede keer in mijn gevangenistijd dat ik tot boven op de berg geraak, met de vrijheid in zicht, alleen om weer achteruit geschopt te worden naar de voet.
De eerste keer was in 1985, toen de bewijslast die was gebruikt om mij te veroordelen in twijfel werd getrokken, en mij toch een nieuw proces werd geweigerd, ondanks de uitspraak van rechter Heaney dat ik vrijgesproken had kunnen worden als dit bewijsmateriaal aan de jury was voorgelegd. Een nieuw proces geweigerd worden na zo'n uitspraak schokte ons netwerk en mij even erg als deze gratieweigering. Maar we verliezen nooit een veldslag zonder ernstige winst in het geheel van de strijd.
Ik wil mijn staf bij het LPDC complimenteren en bedanken, en jullie allemaal, sympathisanten aan de basis, die naast mij stonden en zo onvermoeibaar vochten voor mijn vrijheid. Jullie hebben een van de krachtigste en meest gedenkwaardige campagnes opgezet die ik ooit heb meegemaakt. Nog jarenlang zullen mensen lezen over jullie prestaties. Mensen van alle rangen en standen waren bezig met deze campagne. Mensen van elke klasse en overtuiging baden in alle uithoeken van de Aarde. Ook al voelt het alsof onze opvattingen als lastige vliegen werden weggejaagd door een president die de gevolgen van zijn eigen fouten niet onder ogen wou zien, toch geloof ik dat we een ernstige uitdaging hebben geboden. We kunnen zien aan wie gratie is verleend en waarom. De grote schenkers voor de presidentiële campagne konden gerechtigheid kopen, iets wat wij ons gewoonweg niet konden permitteren. Ondertussen kwijnen talloze politieke gevangenen onrechtvaardig verder weg, bewijs dat het gepraat van deze natie over verzoening niet meer is dan lege retoriek.
We hebben een aantal strategieën om de strijd voor mijn vrijheid verder te zetten. Die ideeën zijn nog in een vroeg stadium. Ik vraag jullie om bij ons te blijven, terwijl we ons hergroeperen en een gedetailleerd plan ontwikkelen. We moeten elke mogelijkheid zorgvuldig onderzoeken en verzekeren dat de plannen elkaar aanvullen, om het beste resultaat te krijgen. Het LPDC zal plannen vrijgeven naargelang ze ontwikkeld worden. Sommige zullen deze week al vrijgegeven worden.
Ik heb ook mijn eigen persoonlijke plannen. Ik zal verder kunstwerken blijven maken en manieren proberen te vinden om ze beschikbaarder te maken voor het publiek. Ik zal ook met mijn vrienden Fedelia en Bob Cross werken aan de opbouw van een basisschool in Oglala. Al voor er een beslissing gevallen was over mijn gratieverzoek, begon ik te dromen van de verschillende projecten waarmee ik wou bezig zijn in Pine Ridge, als ik vrij was. Nu het gratieverzoek is afgewezen, hebben Fedelia en Bob toegezegd om zelf het initiatief voor deze projecten te nemen, met mijn inbreng. Weldra zullen we een bestuur samenstellen en een v.z.w.-statuut aanvragen.
Bob en Fedelia zijn onderwijzers, ze wonen al heel hun leven in Oglala, en hebben het land om de school op te bouwen. Ze hebben mij verteld over de dringende nood aan een betere school in Oglala. De bestaande school is zwaar onderbezoldigd en ontoereikend en geeft de kinderen niet die kwaliteit van onderwijs die ze nodig hebben en verdienen. Wij hebben het grootste aantal vroegtijdige schoolverlaters van alle bevolkingsgroepen in het land, en dat is gedeeltelijk te wijten aan het gebrek aan aanmoedigende en uitdagende leerplannen voor de jeugd.
Een ander idee dat ik wil ontwikkelen is de bouw van een klein recreatiecentrum voor Oglala. Zoals de meesten onder jullie weten is de indiaanse gezondheidstoestand waarschijnlijk ook de slechtste van het land. Daar willen we verandering in brengen, te beginnen met dit centrum. We willen het centrum een moderne oefenuitrusting bezorgen, een keukentje en kaarttafels. Omdat iedereen hier bijeenkomt om te socialiseren, koffie te drinken, te praten en een kaartje te leggen, kunnen we de mensen aanmoedigen de uitrusting uit te proberen en zich stilaan de gewoonte eigen te maken om zich te oefenen en gezond te eten. Ik denk dat het een leuke plaats zou zijn voor mensen om tijd door te brengen, en een goede stimulans om een betere lichaamsconditie op te bouwen en de neiging tot diabetes op het reservaat een halt toe te roepen. Op dit ogenblik heeft het reservaat zo'n voorziening niet.
Als we erin slagen deze twee diensten aan te bieden, denk ik dat dit de gemeenschap van Oglala echt ten goede zal komen. We kunnen dan verder gaan met andere projecten die mensen bijeenbrengen en de levenskwaliteit verhogen. Bijvoorbeeld, ik zou ooit graag Jumping Bull Hall herbouwen, zodat er een drug- en alcoholvrije ruimte beschikbaar is waar mensen, vooral jongeren, kunnen samenkomen. We zouden die plaats kunnen inrichten als bioskoop, en er videospelletjes bijhalen. Mensen kunnen er films zien, bijeenkomsten houden, verjaardagsfeestjes, gemeenschappelijke maaltijden en danspartijen organiseren. Op dit ogenblik hebben onze jongeren geen plek om elkaar te ontmoeten en ik geloof dat deze voorziening kan helpen om de uitzichtloosheid en de wanhoop te voorkomen, die te veel van onze jonge mensen overvallen. Ik hoop dat het bericht van deze projecten de ronde doet in andere reservaten en dat andere mensen zoals Fedelia en Bob Cross geïnspireerd worden om gelijkaardige initiatieven te ontplooien, die wij kunnen steunen.
Jullie ideeën, inbreng en steun zijn welkom. Als je mensen kent die iets willen aanbieden (boeken, hout, cement, ijzerwaren, enz.), een financiële bijdrage willen doen, of hun vaardigheden en werklust ter beschikking willen stellen, contacteer dan alsjeblief het Leonard Peltier Defense Committee.
Tot besluit wil ik jullie nog eens bedanken voor jullie steun, en vragen om naast ons te staan in deze strijd. Ik geloof dat we op een dag in de nabije toekomst zullen slagen. Maar dat kan niet zonder jullie steun.
In de Geest van Crazy Horse,
Leonard Peltier