Op 20 juni 2009 trad in België de wet tegen wapens met verarmd uranium in werking. De wet werd unaniem aangenomen in de plenaire zitting van De Kamer op 23 maart 2007. Kamerlid Dirk Van der Maelen (SP.a) schreef zijn wetsvoorstel op 28 december 2005 omdat het militair gebruik van deze wapens de verspreiding veroorzaakt van chemisch giftige en radioactieve stofdeeltjes. Besmette plaatsen vormen een permanente bron van besmetting en een gevaar voor de gezondheid van de mens en zijn milieu. In tegenstelling tot wat defensieminister Pieter De Crem (CD&V) en politicus Stef Goris (LDD) in februari 2011 beweerden was het geenszins Dirk Van der Maelen's bedoeling om met dit wetsvoorstel electoraal voordeel te halen bij de verkiezingen van 8 juni 2007.
Tijdens de besprekingen in de Belgische defensiecommissie die aan de stemming over zijn wetsvoorstel voorafgingen, waren er vragen over eventuele problemen met de uitvoerbaarheid van zo'n verbod bij internationale militaire operaties. Wat als Belgische troepen instaan voor logistieke ondersteuning en munitie moeten hanteren of bewaken die in België wel maar in andere landen niet verboden is? Volgens Dirk Van der Maelen zou er zich geen probleem stellen bij deelname aan NAVO-, VN- of EU-operaties omdat een Belgische wet tegen uraniumwapens niet geldt voor het buitenlandse grondgebied.
Diplomaten beweerden evenwel het volgende in een verslag van een diplomatiek onderhoud in de Amerikaanse ambassade te Brussel (maart 2007): “1. Samenvatting. [...] Wij geloven dat we er in geslaagd zijn om de belangen van de VS te beschermen – de wet zal niet verhinderen dat Belgische troepen operaties kunnen plannen, assisteren (bvb. transport) of eraan deelnemen, waarin andere troepen wapens met verarmd uranium gebruiken. [...] 4. [...] Gewag makend van onze bezorgdheid over de beperkende bepalingen opgelegd aan de doorvoer van VS-materiaal, maakt het wetsontwerp 'absoluut geen melding' van deze kwestie.” Einde citaat. Nochtans stipuleert Artikel 8 van de Belgische wapenwet (waaraan het verbod op uraniumwapens werd toegevoegd): “Niemand mag verboden wapens overdragen, vervoeren of opslaan.”
Een later vertrouwelijk diplomatiek rapport, over internationaal transport van wapens, verwijst de Belgische wet naar de prullenmand. Citaat: “We hebben van Werner Bauwens – directeur van het non-proliferatie en exportcontrolekantoor van het Ministerie van Buitenlandse Zaken – de verzekering gekregen dat de [Belgische] wet geen impact zal hebben op de doorvoer en de opslag van dergelijke wapens door de VS en de NAVO. Hij stelt dat, als een burgerlijke rechtsregel, de verdragsverplichtingen van België aan de VS en de NAVO voorrang hebben op een binnenlandse wet. We wijzen er bovendien op dat gelijkaardige Belgische wetten tegen antipersoonsmijnen en clusterbommen geen impact hebben gehad op VS- en NAVO-operaties.”
De Belgische Coalitie 'Stop uraniumwapens!' vindt dat België zich medeplichtig maakt aan oorlogsmisdaden in het buitenland en niet handelt naar de letter van de Belgische wapenwet als het de doorvoer toestaat van wapens die in België verboden zijn.
Aangezien vredesorganisaties erop hebben gewezen dat doorvoer van wapens – waaronder clustermunitie – nog steeds plaatsvond in 2006 en 2007, heeft de Belgische Coalitie 'Stop uraniumwapens!' een aantal vragen doorgespeeld aan het Belgisch parlement. In februari 2011 heeft Kamerlid Dirk Van der Maelen deze vragen als een schriftelijke parlementaire vraag ingediend om een antwoord te krijgen van de Vice-eerste minister en minister van Buitenlandse Zaken en Institutionele Hervormingen, Steven Vanackere (CD&V).
De vragen vind je hieronder:
Op 21 juni 2009 trad de wet van 11 mei 2007 tot aanvulling van de wapenwet, wat betreft het verbod op wapensystemen met verarmd uranium in werking die munitie en bepantsering met verarmd uranium of elk ander industrieel uranium verbiedt.
Kan u meedelen of er in 2009 en 2010 via de Belgische lucht- en zeehavens doorvoer plaatsvond van anti-tankmunitie en pantservoertuigen die verarmd uranium (of ander industrieel uranium) bevatten?
Indien doorvoer van deze conventionele uraniumwapens effectief plaatsvond: a) Van welk land waren deze uraniumwapens afkomstig? b) Over hoeveel stuks en over welk kaliber van wapens ging het? c) Wat was de eindbestemming van deze doorvoer over het Belgische territorium? d) Werden deze uraniumwapens op de eindbestemming ingezet bij gewapende conflicten? e) In welk internationaal kader vond deze doorvoer plaats? f) Welke Belgische instanties gaven toestemming voor deze doorvoer van uraniumwapens?
Minister Vanackere heeft veertig dagen de tijd om deze vragen te beantwoorden. We zijn benieuwd.
Bronnen:
- Wet houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens (Wapenwet), 08.06.2006; http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/loi_a.pl?language=nl&caller=list&cn=2006060830&la=n&fromtab=wet&sql=dt=%27wet%27&tri=dd+as+rank&rech=1&numero=1
- Wetsvoorstel van Dirk Van der Maelen, ingediend in De Kamer op 11.01.2006, doc. 51K2199001; http://www.dekamer.be/FLWB/PDF/51/2199/51K2199001.pdf
- Verslag namens de commissie voor de landsverdediging, 16.03.2007, doc. 512199/004; http://www.dekamer.be/FLWB/PDF/51/2199/51K2199004.pdf
- Wikileaks, gelekte diplomatieke kabels, zie de bijlage bij dit artikel van ICBUW: http://www.bandepleteduranium.org/en/a/373.html
- Parlementaire vraag van Dirk Van der Maelen, ingediend in De Kamer op 21.02.2011, doc. nr. 0163 ; http://www.dekamer.be/kvvcr/showpage.cfm?section=qrva&language=nl&cfm=qrvaXml.cfm?legislat=53&dossierID=53-Bxxx-603-0163-2010201102452.xml






